Column: In Uganda – Verbinding

04-08-2020

Ik mis de kinderen. De school is al ruim vier maanden dicht. Al die tijd heb ik de kinderen niet meer gezien. De president sprak laatst het volk weer toe. Daarin zei hij dat er vóór september, vóór het begin van het laatste trimester van dit jaar, duidelijkheid moet komen of kinderen dit jaar nog naar school kunnen. Of dat dit jaar moet worden beschouwd als een “dead year”, een verloren jaar. Hij had het daarbij vooral over de hoogste klassen van de scholen, die examen doen. Het ziet er naar uit dat voor de andere kinderen al bijna geen hoop meer is dat zij nog naar school zullen gaan dit jaar.

En ja, ik mis de kinderen. Het schooljaar was nog maar net van start gegaan, we waren zo’n vijf weken onderweg, toen de scholen sloten. Dus met de kinderen in de klas was de band nog niet zo sterk. Wel voel ik die band met de kinderen die ik vorig jaar heb lesgegeven. Maar nog sterker voel ik de band met de kinderen die we als stichting ondersteunen. Sommigen heb ik lesgegeven, anderen niet. Maar met hen allemaal heb ik een bijzondere band. Ik bedenk hoe ze groter groeien. Hoeveel zullen ze veranderd zijn als we hopelijk volgend jaar februari weer naar school kunnen gaan? Ik kan het me maar moeilijk voorstellen.

Een tijdje geleden belde de vader van ons allereerste sponsorkind. Met die jongen heb ik een extra band. Hij is een neefje van een goede vriend van mij. Toen ik over dit jongetje hoorde, hoe hij acht jaar was en niet naar school ging, is ons huidige project ontstaan. Dat is inmiddels vier jaar geleden. Zijn vader belde om te bedanken voor de financiële ondersteuning die we hadden gestuurd. Het kind wist dat ik aan de telefoon was, en wilde ook met mij praten. Dus kwam hij aan de telefoon en sprak op zijn manier. Logopedie krijgen de kinderen hier niet; hij spreekt daarom geen Engels. Zijn spreken is het imiteren van wat hij volwassenen ziet doen. 

Het was bijzonder voor mij om zijn stem te horen. Ik voelde de verbinding. Het was zo fijn om even contact met hem te hebben. Tegelijkertijd wist ik: terugpraten heeft geen zin. Hij kan mij niet horen. Het lijkt eenrichtingsverkeer. En toch was het meer dan dat. Hij praatte echt met mij, en dat deed hem goed. Ook al kon hij mij niet horen, toch wist hij dat ik er was, dat we in verbinding stonden. Toen ik de vader weer aan de telefoon kreeg, vertelde hij hoe blij zijn zoon was. 

Even een moment van wederzijdse verbinding. Zo waardevol.

Mijn naam is Famke (Nakimuli) Wildeman, 40 jaar, en tolk Nederlandse Gebarentaal. Sinds de zomer van 2016 woon ik in Uganda. Ik werk daar als vrijwilliger op een dovenschool, Uganda School for the Deaf in Ntinda, in de hoofdstad Kampala. Ik geef les en ik zoek sponsors voor kinderen uit armere gezinnen. Ook onderhoud ik contacten met de tolken Gebarentaal. Zie voor meer info over mijn stichting Signs of Hope: www.signsofhope.nl / www.facebook.com/signsofhope.nl


Reacties

Er zijn nog geen reacties Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.