In Uganda – Muizentrappetjes

10-12-2018

Ik mag eigenlijk niet klagen. Onze school is geliefd bij goede doelen. Er is dan ook zo nu en dan een creatief project voor de kinderen. Eerder dit jaar konden ze nog allerlei dingen kleien. Toch is er in het gewone onderwijsprogramma weinig aandacht voor creatieve vaardigheden. Zelf heb ik helemaal niet zoveel met tekenen; ik was altijd beter in het theoretische leren. Handvaardigheid, tekenen en gym waren niet mijn favoriete vakken; ik deed liever wiskunde. En m’n de theorie voor mijn rijbewijs vond ik een stuk minder spannend dan de lessen in de praktijk.

Toch vind ik het zo belangrijk om de kinderen juist ook die praktijk te laten ondervinden. Er wordt zoveel theorie aan ze aangeboden, en dan vooral in een voor hen vreemde taal – het geschreven Engels. Als ik de lesstijl op onze school in één zin moet omschrijven, dan is het: overschrijven van het bord. Nu geef ik zelf het vak Engels, dus ik doe er ook volop aan mee.

Het oudste kind in mijn klas (ongeveer groep 4) is vijftien jaar. Ze is vroeger nooit naar school geweest. Ik kan niet beoordelen of dat de enige reden is waarom ze maar heel minimaal tot leren komt. Ik weet alleen dat ze niet verder komt dan het (steeds vaker) goed overschrijven van wat er op het bord staat. Maar het daadwerkelijk leren van die woorden, is voor haar een brug te ver.

Mijn haar vlechten vindt ze wel erg leuk om te doen. Ze weet niet precies hoe ze moet vlechten, maar ze geniet er wel van. En dus stel ik me weleens voor: zou ze hier in de toekomst misschien meer mee kunnen doen? Haren vlechten is hier een beroep. En ik denk na hoe ik haar en de anderen de basis van het vlechten kan aanleren.

Dan bedenk ik me hoe we vroeger muizentrappetjes maakten. De term was ik eerlijk gezegd allang vergeten. Maar ik herinnerde me de lange slingers die we op school maakten met de stroken papier. Het is een soort van eenvoudige vlecht, met twee in plaats van drie stroken.

Al gauw is het plan geboren. We doen meestal weinig handvaardigheid in de klas; ik kies vaker voor tekenen, omdat er weinig materialen beschikbaar zijn. Maar dit is uitvoerbaar. We beginnen met gewoon wit papier. Met krijtjes maken we er vrolijk gekleurde vellen van. De volgende stap is deze in stroken te knippen. Dat is een hele uitdaging. Ik heb twee scharen van huis meegenomen en nog twee scharen van andere docenten kunnen lenen. In Nederland leren we allemaal al op de kleuterschool netjes te knippen. Ik heb het vermoeden dat sommige van mijn kinderen zelden een schaar hebben gebruikt. Het eindresultaat is een variatie van smalle en brede stroken. Een goede les voor mij; loslaten dat het allemaal perfect moet zijn.

De volgende dag is het tijd om te vouwen. Dat gaat goed, de meesten hebben de techniek snel begrepen. Tenslotte gaan de stroken aan elkaar. Een paar actieve jongens plakken de ene strook aan de andere en maken een lange slinger.

Als ik ze even later probeer op te tillen, blijkt de lijm niet sterk genoeg. Terwijl de kinderen aan de lunch zitten, maak ik het werk met de nietmachine af. Met een collega hang ik de slinger door het lokaal. Wat een gezelligheid! De kinderen kunnen trots zijn op het resultaat. En natuurlijk ben ik een trotse juf!

Mijn naam is Famke (Nakimuli) Wildeman, 38 jaar, en tolk Nederlandse Gebarentaal. Sinds de zomer van 2016 woon ik in Uganda. Ik werk daar als vrijwilliger op een dovenschool, Uganda School for the Deaf in Ntinda, in de hoofdstad Kampala. Ik geef les en ik zoek sponsors voor kinderen uit armere gezinnen. Ook onderhoud ik contacten met de tolken Gebarentaal.


Reacties

Er zijn nog geen reacties Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Gerelateerde artikelen