‘Ondertiteling alleen is niet genoeg’ – Jessica van Eijs over 5 jaar erkenning gebarentaal

10-04-2026 algemeen

Vijf jaar geleden kreeg de Nederlandse Gebarentaal (NGT) eindelijk officiële erkenning. Een mijlpaal – maar wat heeft die wet sinds 2021 écht veranderd? We blikken terug met Jessica van Eijs, oud-Tweede Kamerlid voor D66 en zelf slechthorend. Samen met Carla Dik-Faber (CU) en Attje Kuiken (PvdA) was zij een van de initiatiefnemers van de wet.

Hoe kwam de erkenning tot stand?

‘Het is inmiddels vijf jaar geleden, dus ik moet echt even graven,’ lacht Van Eijs. ‘Maar ik weet nog goed hoe er meerdere dingen samenkwamen.’ Een belangrijk kantelpunt was de tramaanslag in Utrecht in 2019. ‘Tijdens de persconferentie ontbrak een gebarentolk. Daardoor miste een deel van de bevolking cruciale informatie. En dat kan natuurlijk niet,’ zegt Van Eijs.

De kritiek die toen ontstond, zette iets in beweging. ‘Mensen die al jaren streden voor de erkenning van gebarentaal, grepen dit moment aan om het belang van een gebarentolk onder de aandacht te brengen. En kort daarna, tijdens de coronacrisis, verschenen tolken ineens wél standaard bij persconferenties, nog voordat de wet er was. ‘Dit zorgde ervoor dat gebarentaal steeds zichtbaarder werd in de media. En dat er steeds meer aandacht kwam voor toegankelijke communicatie voor doven en slechthorenden.’ Volgens Van Eijs zorgde al die aandacht ervoor dat er eindelijk beweging kwam in Den Haag. Het wetsvoorstel kon worden ingediend en eenmaal op gang gekomen, ging het proces snel: ‘In de Kamer was er nauwelijks weerstand meer. Het gevoel was eerder: waarom is dit niet allang geregeld?’

Persoonlijke drijfveer

Voor Van Eijs speelde haar eigen slechthorendheid een belangrijke rol om zich in te zetten voor de erkenning van gebarentaal. ‘Ik weet hoe het voelt als je belangrijke communicatie mist, dan kun je je zo buitengesloten voelen. Communicatie bepaalt of je mee kunt doen. Dat raakt aan je mens-zijn.’ Tijdens het Kamerdebat, toen zij het woord nam, wilde ze dat gevoel overbrengen: ‘Ik stond daar met een brok in mijn keel, wilde mijn eigen emotie laten zien, maar ook de Kamer overtuigen met een goed verhaal.’ Dit Kamerdebat was trouwens een van de eerste debatten in coronatijd waarbij er weer publiek op de tribune mocht zitten. ‘Er was een delegatie van dove mensen aanwezig. Dat maakte het debat extra bijzonder. Je voelde hoe belangrijk dit was voor veel mensen.’

Wat heeft de wet opgeleverd?

Van Eijs is voorzichtig met harde conclusies. De grootste kracht zit volgens haar vooral in erkenning en bewustzijn. ‘Ik hoop dat het een steun in de rug is geweest voor de dovengemeenschap. Dat mensen zich nu meer gesterkt voelen om hun taal en plek op te eisen. Gebarentaal wordt nu vaker gezien voor wat het is: een volwaardige taal.’

Ook lijkt er meer aandacht voor toegankelijkheid te zijn: ‘Ik denk dat er bij het brede publiek meer begrip is. Een gebarentolk bij een persconferentie voelt inmiddels logisch.’ Maar het blijft lastig. ‘Een tolk gebarentaal wordt al snel gezien als ‘een extraatje’, zeker in een tijd waarin er veel grote problemen spelen. Terwijl het voor mensen zelf allesbehalve een detail is.’

Er heerst bovendien een hardnekkig misverstand: ondertiteling zou net zo goed werken als een gebarentolk. ‘Iedereen kan toch lezen?’ is een veelgehoorde gedachte. Van Eijs legt uit: ‘Maar voor veel dove mensen is gebarentaal hun moedertaal – niet het Nederlands. Ondertiteling is gebaseerd op gesproken taal, wat voor hen een tweede taal is. Daardoor missen ze veel nuances. Een gebarentolk zorgt voor volledige begrip en toegankelijkheid, iets wat ondertiteling niet kan bieden.’

Hoe nu verder?

Volgens Van Eijs moeten de volgende stappen vooral uit de dovengemeenschap zelf komen. ‘De politiek weet niet altijd wat de specifieke behoeftes van de doelgroep zijn. Je moet als gemeenschap dus zelf aangeven wat er nodig is. Pas dan kan de politiek in actie komen.’ Een belangrijke rol is hierbij weggelegd voor het adviescollege Nederlandse Gebarentaal, opgericht naar aanleiding van de erkenning van NGT. ‘Dit adviescollege kan helpen om de signalen uit de dovengemeenschap te bundelen en onder de aandacht te brengen bij de politiek.’

Daarnaast benadrukt ze het belang van kleine stappen: ‘Meer zichtbaarheid van gebarentaal, meer contact tussen horende en dove mensen. Het gaat erom dat we onze onzekerheid loslaten en gewoon het gesprek met elkaar aangaan. Dat is de eerste stap om een wereld van verschil te maken.’

Foto: Marijke Krekels


Gerelateerde artikelen

Doof.nl maakt gebruik van cookies.

Doof.nl gebruikt vier soorten cookies.

Lees meer

Deze cookies zorgen ervoor dat de website goed werkt.

Lees meer

Op onze website staan YouTube-filmpjes. Wanneer je deze wilt afspelen, dan moet je de cookies accepteren. YouTube slaat dan cookies op op jouw computer.